(Cairns - Port Douglas - Daintree Rainforest - Atherton Tablelands)
(13 - 21 juni 2014)
Dus. Het reizen en de tijd... ‘t Is ongelooflijk! In principe heeft men geen verplichtingen, is vrij
van (bijna) alle onaangename opgaven, moet vooral doen waar zijn kop naar staat en heeft alle tijd van de wereld…
Tot zover de theorie. In de praktijk
heeft men ALTIJD iets te doen onderweg en is constant in de weer. “vrije tijd”,
de tijd waarin men werkelijk nietepiete te doen heeft komt uiterst zelden voor
en verveling wordt zo onbestaande. Rechtstreeks gevolg is dat e-mails onbeantwoord, postkaartjes
ongeschreven en (dit laatste geldt enkel voor Inga) de vele goede boeken in de
rugzak ongelezen blijven. Net zoals het schrijven van deze blog, wat telkens
opnieuw uitgesteld wordt. Tot men aan het punt gekomen is waarop alweer zoveel
gebeurd is, dat men er geen idee van heeft hoe men dat allemaal weer moet
inhalen.
Een vluchtige
blik op de voorbije vijftig bladzijden in mijn dagboek en heel wat zuchten
later volgt hier alsnog een poging – in de hoop dat we’r dan weer mee vertrokken
zijn, met onze blogs!
Na mijn dagen van
rouw op Maggie Island ging het verder naar Cairns. Veel interessantes heeft deze
stad niet te bieden voor ons. Hier zijn er “backpackers”, andere “backpackers”
en dan nog een paar “backpackers”. Tussendoor stoot men op enkele café’s voor de
“backpackers” en op elke hoek van de straat is er een travel agency te vinden.
Jep! Gespecialiseerd in “backpackers”. De stad is mooi noch speciaal en ‘t weer
suckt. Alright, ik geef toe dat de stad voor dit laatste niet verantwoordelijk
is. De max was dan wel onze luxe-kamer (voor een mini-prijs) en vooral de
snorkeltrip die we gelukkig voor deze enige zonnige dag geboekt hadden. Na onze
grootse snorkel-belevenissen op de Whitsundays was er geen haar op onze hoofden
die eraan dacht Australie te verlaten zonder nog eens uit te varen naar het
Great Barrier Reef. Tegen de verwachtingen in wordt de dagtrip naar Green
Island inzake snorkelen zowaar nog een klasse beter. Bij het wegtrekkende –
ebbende – water zwemmen we zo dicht bij de koralen dat we moeten opletten dat
onze buik niet opengesneden wordt. Vissen zijn er te over, in vormen, kleuren en groottes
waarvan men enkel kan dromen. En dat vlak voor onze duikbrillen. Deels (als de
zon goed zit) kleuren ze zich zo fluo dat het amper te geloven is dat ze echt
zijn.

 |
| 2x Green Island met het helderste alle wateren.. |
Enfin, we blijven
hier niet langer als nodig. Na enkele dagen treffen we onze nieuwe reispartners.
Lily & Kai leerden we drie maanden geleden kennen in Brisbane, stelden
toen vast dat we exact dezelfde reisroute plannen en hielden contact. Toevallig
waren we rond dezelfde tijd op dezelfde plaats, zodat we de Outback-trip samen
konden maken om auto, leute, nafte & ervaringen te delen.
Vanaf nu zijn we dus
mobiel. De auto waarmee dit reusachtige land door het midden willen doorkruisen
heet “Spaceship”, heeft vier plaatsen, veel kastjes en zelfs een mini-frigo aan
boord. Inga & ik zetten ons comfortabel op de achterbanken terwijl de
anderen verantwoordelijk zijn voor het rijden. In ruil bewijzen
we ons nut door elke avond een heerlijke maaltijd voor te koken. Win-win!
Voor we de kust inruilen voor het grote niets
maken we nog een omweg over Port Douglas in het Daintree Rainforest tot de Cape
Tribulation (ten noorden van Cairns). Regenwoud hebben we al meermaals in
Zuid-Amerika gezien en is altijd fascinerend. De manier waarop men het hier
beleeft is daarentegen niet te vergelijken. Terwijl we in de amazone nog in
rubber botten en met machete een weg door het dichte groen geslagen hebben en
blaadjes omknakten om later de weg terug te vinden is het hier tot in de
kleinste details georganiseerd. Off the beaten track gaan is niet toegestaan.
De weg die ons door het woud voert is een houten “boardwalk”. Zo loopt men de
ganse tijd op een soort “pier” in het woud en dat zorgt ervoor dat flip-flops
volstaan als wandelschoen en men zich ongeveer voelt als in een reuzachtige
Center Parks. Mooi is het uiteraard, authentisch of avontuurlijk net iets
minder..
 |
| De boardwalk in het regenwoud |
Het reizen zonder openbare
vervoersmiddelen heeft verschillende voordelen. Voor de hand ligt dat we
eindelijk verlost zijn van de druk die al sinds lang op onze schouders ligt: de
zware rugzakken met ons volledige bezit moeten hier en daar nog eens verlegd,
maar niet meer gedragen worden. Ook alles andere wat men voor een comfortabel
leven nodig heeft hebben we altijd binnen handbereik. De woonkamer
(campingstoelen & tafel), de keuken (gasvuurtje, pot & pan, borden,
bestek & een berging vol eten) en de slaapkamer (tent, matten &
slaapzakken) reizen met ons mee dus kunnen altijd, overal en vooral binnen
enkele minuten opgebouwd worden. Dit verhoogt onze flexibiliteit met een
miljard procent en we kunnen het veroorloven om vooraf plannen tot nul te
reduceren.
Het “Spaceship” biedt na een spelletje real life Tetris genoeg plaats voor ons, onze bagage en de grote voorraad aan eten die we uit de beschaving in het Outback meenemen, om niet aangewezen te worden op de uit de pan swingende prijzen in the middle of nowhere. Na de dagelijkse reorganisatie 's avonds passen twee personen (Lily en Kai) in de slaapkabine van onze auto terwijl Inga en ik in onze gezellige tent huizen.
 |
| Lily & Kai uit Osnabruck (Duitsland) |
 |
| Ons Spaceship |
 |
| De living |
 |
| Stop aan't strand |
Spontaan blijven we langer waar't ons bevalt of veranderen onze route. Na een tip van een vriendelijke Australische rijden we door de Tableland
Highlands. Plots bevinden we ons in het brede, groene weidelandschap vol
bergen, velden en watervallen als hoogtepunt. Eerst baden we in heerlijke hot springs,om enkele uren later te ijsberen in
de “Milla Milla Falls”, locatie waar Peter Andre in de nineties zijn
videoclip voor “Mysterious girl” heeft gefilmd (een verschrikkelijk lied met
een nog verschrikkelijker clip, overigens)..
 |
| Hot Springs met naar't schijnt een helende werking. |
 |
| "Milla Milla" |